
Moskeebesturen krijgen excuses van burgemeester
AlgemeenALMERE – Burgemeester Hein van der Loo heeft de moskeebesturen in Almere zijn excuses aangeboden voor de vertrouwensbreuk die is ontstaan omdat het vermoeden leefde dat de gemeente een extern bureau inhuurde om onderzoek te doen naar extremisme. Daarbij zou de moslimgemeenschap ook bespioneerd zijn.
Door Marcel Beijer
De krant NRC publiceerde in 2021 een artikel waarin werd gesteld dat tien gemeenten, waaronder Almere, het bureau NTA undercover onderzoek liet doen naar extremisme, onder meer in moskeeën. Zowel burgemeester Franc Weerwind als waarnemend burgemeester Ank Bijleveld ontkende dat in Almere een dergelijk onderzoek had plaatsgevonden. Er zou slechts een offerte zijn opgevraagd. De moskeebesturen geloven daar geen snars van. In een aan de gemeente verstuurde brief in januari spraken de moskeebesturen hun ongenoegen over de kwestie uit. Ook in deze krant lieten ze weten zich ‘besodemieterd’ te voelen.
Gesprek
In een brief naar de moskeebesturen blijkt dat burgemeester Hein van der Loo op 14 juli een ‘plezierig en constructief’ gesprek met de moskeebesturen. Net als zijn voorgangers stelt ook Van der Loo in de brief dat er nooit heimelijk geïnfiltreerd is in de moslimgemeenschap. ‘Ik heb u verteld dat de gemeente Almere destijds opdracht heeft gegeven tot onderzoek naar verschillende vormen van extremisme om een beeld te krijgen van radicale sentimenten in onze stad. In dat onderzoek kon het onderzoeksbureau op enig moment inderdaad gebruik maken van de non-informed consent methode (zonder toestemming, red). (…) Volgens de voor mij beschikbare informatie is het in Almere nooit zover gekomen, omdat het onderzoek vroegtijdig is stopgezet.’
Excuses
Wel heeft Van der Loo zijn excuses aangeboden voor de vertrouwensbreuk die door de kwestie is ontstaan. ‘We hebben in goed overleg vastgesteld dat (juridisch) touwtrekken hierover niet bijdraagt aan het bouwen aan onderling vertrouwen. Daarom hebben we uitgesproken om, vanuit wederzijds begrip, weer constructief te gaan samenwerken, in het belang van Almere. Goede initiatieven stimuleren en verkeerde trends, zoals radicalisering, samen signaleren en vroegtijdig zien te keren. (…) Tegelijkertijd vraag ik om uw begrip voor bestuurlijke en ambtelijke keuzes in het verleden. Ik sta namelijk voor de goede bedoeling van de gemeente Almere; gisteren, vandaag en morgen.’







































