
Woonzorgverlener kan tonnen schadevergoeding van gemeente vergeten
AlgemeenDEN HAAG/ALMERE – De gemeente Almere hoeft een Almeerse woonzorgverlener geen schadevergoeding van enkele tonnen uit te keren. Dat blijkt vandaag uit een einduitspraak van de Raad van State.
Door persbureau Cerberus
De hoogste bestuursrechter is het niet eens met Henry Tijken van Kansz Almere, die stelde dat ambtenaren en bestuurders van de gemeente in het verleden keiharde toezeggingen hebben gedaan dat hij een woonzorgcentrum voor verstandelijk beperkte jongeren aan de Operetteweg mocht vestigen. Volgens de woonzorgverlener paste het begeleid wonen van jongeren in het bestemmingsplan voor de Operetteweg. Dat plan maakte onder meer een verpleeghuis met 24/7 zorg mogelijk. Tijken vroeg het na bij de gemeente, waarna een ambtenaar bevestigde dat woonzorg met 24-uurs begeleiding en zorg mogelijk paste. Na bezwaren van omwonenden over overlast, kwam het gemeentebestuur daarop terug. Die legde het bestemmingsplan toch iets anders uit en besliste dat het begeleid wonen van verstandelijk gehandicapte jongeren toch net iets anders is dan een verpleeghuis.
Geen keiharde toezegging
De Raad van State vindt niet dat de e-mail van de ambtenaar als keiharde toezegging opgevat kan worden. Het gemeentebestuur besliste immers anders. Ook de aanloop naar de aanvraag van omgevingsvergunning kan Tijken niet als belofte en toezegging opvatten. Omwonenden bleven tegen, waarna de gemeente alsnog een dwangsomboete oplegde en Tijken de tent gedwongen moest sluiten.
De uitspraak is een fikse tegenvaller voor Tijken, die meent dat de gemeente koudwatervrees kreeg na bezwaren van een paar bewoners op het bedrijventerrein. Eerder tijdens de rechtszaak in Den Haag maakte hij duidelijk dat ‘zijn’ jongeren nooit overlast in de buurt hebben veroorzaakt.
Op klaarlichte dag beroofd
“Ik heb nog steeds heel veel kosten aan dat pand aan de Operetteweg. Er zitten op dat bedrijventerrein talloze zorginstellingen. Het Leger des Heils zat er ook”, aldus Tijken. “Maar ik ben slachtoffer geworden van een opvang voor gedetineerden in de buurt. Daar hadden de omwonenden heel veel last van. Wij ook trouwens. Eén van onze medewerkers is in een kofferbak geduwd en anderen zijn op klaarlichte dag beroofd. Wij zijn ten onrechte over één kam geschoren. Ik heb veel ellende gehad. Veel boze ouders die opeens hun kinderen elders moesten onderbrengen. Dat heeft me tonnen gekost. En nu wonen er in hetzelfde pand mensen die naar de dagbesteding gaan. Dat mag opeens wel.”







































